De coöperatieve spoorwegmaatschappij Railcoop streefde er sinds haar oprichting op 30 november 2019 tot haar faillissement op 29 april 2024 naar om met klassieke dieseltreinen een rechtstreekse treinverbinding tussen Bordeaux en Lyon op te zetten. De Franse nationale spoorwegmaatschappij (SNCF) had deze rechtstreekse dienst op 6 juli 2014 geschrapt, maar kondigde op 27 november (2025) aan de route uiterlijk tegen medio 2027 opnieuw te willen opstarten, al zal dit gebeuren met een TGV-verbinding die net niet in het centrum van Parijs komt. Voor de terugkeer van een klassieke treinverbinding door het Centraal Massief wijst de SNCF echter naar de Franse overheid, die verantwoordelijk is voor de langeafstandsverbindingen van het type ‘Intercités’. Voor een herlancering moet ze daarbij beroep doen op openbare aanbestedingen.

De nieuwe TGV-verbinding, aangekondigd voor ten laatste half 2027, is een strategische zet van Ouigo, het lagekostenmerk van de SNCF. De reistijd wordt vijf uur, een uur sneller dan met de auto. De SNCF benadrukt daarbij dat dit voor reizigers die vandaag in Parijs moeten overstappen, een echte tijdswinst oplevert. Het grootste comfortvoordeel is het overslaan van de tijdrovende transfer tussen de Parijse kopstations (Montparnasse en Gare de Lyon). De verbinding tussen beide verbindingen wordt feitelijk gemaakt op het hogesnelheidsnetwerk zelf: de TGV zal de LGV Atlantique verlaten bij het station Massy TGV om daar via de LGV Interconnexion de route naar Lyon te vervolgen.
Toch is niet iedereen enthousiast. Regionale besturen wijzen erop dat steden als Limoges, Guéret en Montluçon opnieuw uit de boot vallen. De TGV is een oplossing voor de eindpunten, maar bevestigt de isolatie van Midden-Frankrijk. Een leemte die Railcoop wilde opvullen.
Railcoop: een droom die stukliep
De Railcoop-coöperatie had de ambitie om met klassieke treinen de route tussen Bordeaux en Lyon in zes en een half tot zeven uur te overbruggen, mét haltes in regionale steden.
Maar na een lange zoektocht vond het bedrijf geen financiering voor het nodige materieel. De droom van een ‘volkstrein’ door het Centraal Massief liep stuk, wat leidde tot het faillissement in april 2024. De markt voor een directe verbinding tussen Bordeaux en Lyon via het Centraal Massief bleef daarmee leeg, waarna de SNCF met haar TGV-oplossing kwam.
De erfenis van een verwaarlozing
Dat de SNCF kiest voor een TGV-omweg, is het gevolg van tientallen jaren desinvestering in de klassieke spoorlijnen. De infrastructuur die de twee steden geografisch rechtstreeks verbindt, is door de jaren heen grondig verwaarloosd ten gunste van het TGV-netwerk.

Historisch waren er twee routes die door het Centraal Massief liepen:
- De Noordelijke Route (via Limoges/Montluçon)Deze verbinding werd definitief geschrapt in december 2012. Vooral het gebruik van de getrokken Corail-treinen met BB 67000-locomotieven was inefficiënt. In stations zoals Périgueux, Saint-Sulpice-Laurière en Saint-Germain-des-Fossés moest de trein telkens ‘kopmaken’ (keren). Dit hield in dat de locomotief moest worden losgekoppeld, rondgereden, en vervolgens aan de andere kant van de trein moest worden aangekoppeld om de reis in de tegenovergestelde richting voort te zetten. Deze manoeuvre, in combinatie met de verplichte remproeven bij elk keerpunt, deed de reistijd oplopen tot boven de 8 uur. Hoewel de inzet van modernere X 72500 motorwagens kortstondig verbetering bracht, was het verval niet meer te stoppen.
- De Zuidelijke Route (via Clermont-Ferrand/Ussel): De sluiting van deze kortere, maar bergachtige route kwam op 6 juli 2014, toen de SNCF alle treindiensten tussen Ussel en Laqueuille opschortte wegens de slechte staat van het spoor.
Beide lijnen verdwenen door verwaarlozing. Zoals een regionale bestuurder stelde: “Het Centraal Massief is sindsdien een blinde vlek op de Franse spoorkaart.” Hoewel lokale TER-treinen (Transport Express Régional), gefinancierd door de regio’s, deels de verbindingen in stand houden, heeft de streek geen efficiënte, doorgaande langeafstandsverbindingen meer. De ‘blinde vlek’ slaat dan ook vooral op het wegvallen van de transversale lijnen die meerdere regio’s met elkaar verbonden, een domein waar de staat en de SNCF de verantwoordelijkheid droegen.
De strategische paradox
De nieuwe lagekosten-TGV Bordeaux–Lyon past volledig in de strategische focus van de SNCF. Hoewel de maatschappij voor het herstel van klassieke langeafstandsverbindingen (Intercités) naar de Franse overheid verwijst, illustreert deze nieuwe TGV-lijn de paradox.
De strategische focus op de hogesnelheidsinfrastructuur leidde tot de verwaarlozing van de transversale lijnen. Daarmee creëerde de maatschappij zelf de omstandigheden waarin een snelle, directe klassieke treinverbinding nu technisch en economisch vrijwel onhaalbaar is geworden. De TGV lost het primaire probleem van de eindbestemmingen op door de overstap in Parijs te omzeilen, maar bevestigt de status quo voor Midden-Frankrijk, waar steden als Limoges en Montluçon buiten de boot vallen.
Laat een reactie achter