Vier middenveldorganisaties dringen aan op verder uitstel voor invoering van basisbereikbaarheid

De trambus Exqui.City: het paradepaardje van de Lierse busconstructeur (Foto: De Lijn)

PERSBERICHT – Vlaams mobiliteitsminister Lydia Peeters maakte bekend dat het onmogelijk geworden is om de Mobiliteitscentrale op 1 januari 2022 operationeel te hebben. De Mobiliteitscentrale is een onmisbaar instrument voor het vervoer op maat, dat Vlaanderen in het kader van het decreet over de basisbereikbaarheid wil uitbouwen. In maart besliste minister Peeters ook al dat het nieuwe tramplan voor Antwerpen de koelkast in moest, omdat het niet beantwoordt aan de verplaatsingsbehoeften in de metropool. Deze week raakte ook bekend dat de minister de deelmobiliteit pas in de loop van 2022 met vertraging wil aanbesteden. “Met het derde uitstel op rij in nog geen maand tijd kan minister Peeters er niet meer omheen: het is onmogelijk om de basisbereikbaarheid op 1 januari 2022 in te voeren”, zegt Stefan Stynen, voorzitter van TreinTramBus die mee in naam spreekt van Test-Aankoop, Netwerk Duurzame Mobiliteit en Landelijke Gilden.

Reizigersvereniging TreinTramBus staat niet alleen met die vraag. Eerder hadden de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG), de Mobiliteitsraad Vlaanderen (MORA) en Autodelen.net op uitstel aangedrongen. Ook Test-Aankoop, Netwerk Duurzame Mobiliteit (NDM) en Landelijke Gilden sluiten zich bij die vraag aan. “Daar zijn goede redenen voor”, aldus Stynen. “Basisbereikbaarheid is een gelaagd systeem met vier lagen (het treinnet, het kernnet, het aanvullend net en het vervoer op maat), die mekaar aanvullen en versterken. Uit een lasagna mag je de pastavellen niet weghalen, want dan hou je enkel een onsmakelijke brei van bechamel- en gehaktsaus over. Zo is het ook met de basisbereikbaarheid: het is alles of niks. Met een beetje basisbereikbaarheid is de reiziger niet gediend. Die moet immers in de Hoppinpunten op vlotte en gegarandeerde aansluitingen tussen de verschillende lagen kunnen vertrouwen, ook op het platteland waar soms amper reguliere bussen rijden.”

Overigens hangt de basisbereikbaarheid voorlopig met haken en ogen aan mekaar, omdat de omzetting van het decreet op een drafje moest gebeuren. Door de invoering van de basisbereikbaarheid uit te stellen, komt er tijd vrij voor een openbaar onderzoek en inspraak van de gebruikers. Stefan Stynen: “Inspraak en participatie waren tot nu toe nagenoeg onbestaande. Dat is toch vreemd voor een tram- en bussysteem, dat pretendeert vraaggestuurd te zijn. Is het geen kwestie van goed fatsoen, dat voor zo’n drastische hervorming van het openbaarvervoeraanbod bij de reizigers zelf gepeild wordt naar hun concrete wensen en noden?” Pas daarna is het mogelijk een evenwichtig en aantrekkelijk netwerk van tram- en buslijnen op poten te zetten. “En daar zijn we nog lang niet, want veel gemeenten en vele burgers beseffen niet wat hen met de basisbereikbaarheid boven het hoofd hangt, lees: zal er in hun buurt nog een tram of bus rijden en indien ja hoe?”, zegt Stynen.

Als minister Peeters de vervoersregio’s, De Lijn en de exploitanten van het vervoer op maat en de deelmobiliteit meer tijd geeft om de basisbereikbaarheid voor te bereiden, slaat ze nog meer vliegen in één klap. Ze kan dan volop inzetten op een geïntegreerde planner en tariefintegratie, die ook voor het vervoer op maat geldt. “In de 21ste eeuw zou het vanzelfsprekend moeten zijn, dat je voor een verplaatsing met trein, tram en bus maar één ticket moet kopen en dat je alle reisinformatie snel, doeltreffend en correct in één centrale reisplanner vindt, naar analogie met het Nederlandse 9292”, meent Simon November, woordvoerder van Test Aankoop. Bij een uitstel geeft minister Peeters zichzelf ook de nodige tijd om het juridisch statuut van de vervoersregio’s in orde te brengen: die beslissen immers over de besteding van veel overheidsmiddelen, maar moeten zich daarover nu op geen enkele manier verantwoorden. Wie niet tevreden is met de plannen, kan nergens terecht.

TreinTramBus, Test-Aankoop, het Netwerk Duurzame Mobiliteit  en Landelijke Gilden dringen er daarom unaniem bij minister Peeters op aan om de invoering van de basisbereikbaarheid uit te stellen tot alle onderdelen ervan tot in de puntjes voorbereid zijn. Zelden was “reculer pour mieux sauter” een wijzere raad dan nu.

Delen met:

Geef als eerste een reactie

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.