Treinen en perrons onvoldoende toegankelijk voor rolstoelen: 28 organisaties stellen NMBS en Infrabel in gebreke

Foto: Afbeelding van S
Foto: Steve Buissinne via Pixabay

28 organisaties hebben op 3 september de NMBS en Infrabel in gebreke gesteld omdat die er na 14 jaar nog niet in zijn geslaagd om hun treinen en perrons vlot toegankelijk te maken voor personen met een rolstoel. Het verdrag van de Verenigde Naties dd. 13 december 2006 inzake de rechten van personen met een handicap, verplicht de aansluitende staten daar namelijk toe.

Dat de in 2018 opgerichte vzw LAW (Legal Action for people in a Wheelchair) hier het voortouw neemt, is geen toeval: alle oprichters van de vzw hebben een juridische achtergrond. De 28 organisaties verwijzen in het bijzonder naar de artikelen 9.1 en 20.1 van dat verdrag. Het eerste artikel verplicht onder meer de NMBS en Infrabel tot het nemen van passende maatregelen om personen met een handicap op gelijke voet met anderen de toegang te garanderen tot vervoer.

Het tweede artikel verplicht hen om alle effectieve maatregelen te nemen om de persoonlijke mobiliteit van personen met een handicap met de grootst mogelijke mate van zelfstandigheid te waarborgen.

De organisaties zijn ervan overtuigd dat, hoewel al 14 jaar zijn verstreken sinds het verdrag van New York van kracht werd, de actuele situatie bij de spoorwegen geenszins beantwoordt aan de beoogde toegankelijkheid voor personen met beperkte mobiliteit. Geen enkele trein op het Belgische spoorwegnet heeft een lage vloer die probleemloos en zelfstandig in- en uitstappen mogelijk maakt. Ook zijn er drie verschillende perronhoogtes. Op termijn zullen dat er nog altijd twee zijn. Daarnaast beschikken nog niet alle Belgische stations over liften die mensen met een rolstoel toelaten om zelfstandig de perrons te bereiken.

Nog zeker 30 jaar geen aangepaste treinen

Volgens de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap zullen toegankelijke treinen, waar ook rolstoelgebruikers zelfstandig op en af kunnen, de komende 30 jaar geen realiteit zijn in ons land. Daarbij wordt verwezen naar het feit dat er op dit moment nieuw materieel instroomt dat nog steeds niet beantwoordt aan de bepalingen van het verdrag.

Dit materieel (445 dubbeldeksrijtuigen van het type M7) werd in 2015 besteld en heeft een instaphoogte van 63 centimeter: dat is de gulden middenweg tussen de op termijn twee overblijvende perronhoogtes: 55 en 76 centimeter. Deze gulden middenweg zorgt er wel voor dat die instaphoogte telkens te laag of te hoog is en er bijgevolg assistentie van NMBS nodig blijft om van de Belgische treinen gebruik te kunnen maken. Daarenboven wordt die assistentie niet voor elk station voorzien.

Naast de 445 bestelde dubbeldekstrijtuigen tekende de NMBS een optie voor 917 bijkomende rijtuigen, waardoor dit M7-materiaal op termijn zowat het standaardmaterieel van de NMBS wordt. Die optie werd eind 2019 reeds voor 300 bijkomende rijtuigen gelicht.

De assistentie houdt in dat de reiziger met beperkte mobiliteit als die gereserveerd heeft door een spoorwegambtenaar wordt bijgestaan. deze spoorwegbediende plaatst bij aankomst van de trein een omhoog of omlaag hellend – al naar gelang het type trein – rijvlak waarlangs de rolstoelgebruiker de trein wordt binnengebracht. Omdat de deuren naar de coupés te smal zijn, geraken rolstoelgebruikers in veel verouderde treinstellen niet verder dan de balkons.

24 uur vooraf reserveren

24 uur vooraf assistentie reserveren moet voor 132 treinstations en ook als je kiest voor een treinreis met een overstap. Voor zowel de heen- als terugreis moet je laten weten welke trein je wilt nemen.

Als er geen overstap nodig is, dan is in 41 treinstations de reservatieduur beperkt tot 3 uur vooraf. In de ongeveer 380 overige Belgische treinstations kunnen mensen met een rolstoel helemaal niet terecht. Zij kunnen daar niet in of uit een trein. In een context van besparingen op personeel is een dergelijke assistentie trouwens niet altijd even vanzelfsprekend.

De organisaties vinden dit systeem van assistentie weliswaar een (tijdelijk) aanvaardbare noodoplossing, maar het vormt geen antwoord op de wettelijke verplichting om de mobiliteit van personen met een handicap met de grootste mate van zelfstandigheid te waarborgen.

Buitenlandse voorbeelden

Buitenlandse voorbeelden bewijzen dat het anders kan. De verschillende constructeurs hebben namelijk hindernissenvrije treinen in de aanbieding en verschillende spoorwegmaatschappijen, zoals bv. de Zwitserse SBB, Duitse DB en Luxemburgse spoorwegen CFL hebben dergelijk materieel in dienst.

Buitenlandse voorbeelden tonen dat het anders kan
(Foto: Zwitserse spoorwegen)

De eisen die worden geformuleerd zijn niet min:

Zo moeten NMBS en Infrabel bevestigden dat zij voor de toekomst kiezen voor standaardhoogte voor alle treinperrons in België. Verder dienen ze een plan voor te leggen waarbij ze binnen een redelijke termijn, maar wel zo snel mogelijk, alle van die standaardhoogte afwijkende treinperrons aanpassen. Ook moet de NMBS ervoor zorgen dat alle nog in dienst te nemen materieel geschikt is voor een assistentievrije in- en uitstap.

Indien de NMBS om technische of veiligheidsvereisten of om capaciteitsvereisten niet alle rijtuigen kan voorzien van een drempelvrije toegang, dan moet ze per treinstel minsten een rijtuig voorzien dat wel een drempelvrije toegang heeft. Perrons moeten dan zodanig worden aangepast dat ze de plaats aanduiden waar drempelvrij kan worden in- en uitgestapt.

Ook moet de NMBS de in 2015 en later bestelde multifunctionele rijtuigen van het type M7 – BDx binnen een redelijke termijn, maar zo snel mogelijk – aanpassen zodat hun instap/inrit vlak of hoogstens licht hellend is.

Geef als eerste een reactie

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*